In en Om Thialf archief

 

Slangenboogjes

Er is er eentje gekomen. Waarvandaan denkt u? J a, uit Leeuwarden. Wie volgt? Onze oproep uit de vorige „In en Om Thialf' blijft van kracht. Sneek, Drachten, Steenwijk, Meppel, waar blijven jullie kunstrijders en kunstrijdsters? Onze donateursactie is ook van start gegaan en de eerste donateurs hebben zich reeds gemeld.
De lessen worden prima bezocht en ons is gebleken, dat onze clubleden al zeer behoorlijke vorderingen hebben gemaakt.
-De Nederlandse kampioenschappen worden op 15 en 16 januari 1971 in Eindhoven gehouden. Wang La Liu zal daar onze. kleuren verdedigen. We wensen haar veel succes en hopen haar weer op het ereschavotje te zien. Een volgend jaar ver­wachten wij dat er meer van onze leden aan de kampioenschappen zullen meedoen. Op het moment dat dit u onder ogen komt, zijn de internationale wedstrijden in Zagreb al voorbij. Ook daar geeft Wang La acte de présence. Op 29 december a.s. is er in Nijmegen een z.g .interbanenwedstrijd voor kinderen beneden 10 jaar. We hopen hier een vijftal van onze jeugdleden te kunnen laten meedoen. Ook hun veel succes bij de eerste schreden in de wedstrijdsport gewenst. Toen wij drie dagen van te voren vroegen de kinderen gecostumeerd Sint Nicolaas te laten verwelkomen, hadden we niet verwacht, dat dit zo goed zou gebeuren. Aan allen en vooral de ouders onze hartelijke, dank voor hun medewerking. Onze trainster is momenteel bezig een showtje voor de kinderen in te studeren. Het ligt in de bedoeling, dat de Nederlandse Spoorwegen voor een propaganda­film hiervan iets gaan opnemen op 2 januari a.s. Succes, Anneke, met je pupillen. We zitten weer in de maand van de feestdagen en de jaarwisseling. U allen namens ons bestuur veel genoegen en een voorspoedig 1971 gewenst.


Met kunstrijdersgroet,
J. Osinga, secretaris

 

 

Op de korrel


Mag ik hier nog eens nadrukkelijk mijn eerste artikel in de herinnering roepen? De redactie heeft mij gevraagd om kritische kanttekeningen bij 't schaatsgebeuren. Vandaar de titel boven dit rubriekje. Ik dacht zo, dat de redactie van dit blad het ook wel leuk zou vinden, wanneer er van tijd tot tijd eens een vuurpijl de hoogte in ging. Het kind in de mens zegt toch nog altijd „ooooooh !" tegen deze dingen. Het geeft ook altijd wel kleur aan de zaak. Van mij mag het dus wel.

Maar ja, wat ik al verwachtte, is dan toch gebeurd. Het probleem is mijn tweede artikel (over die tot niets leidende kritiek op de K.N.S.B. om aan Heerenveen dit jaar wel twee zeer belangrijke wedstrijden toe te wijzen en de irriterend verlopende besprekingen van de 400-meter-banen om rond de tafel te gaan zitten en eikaars problemen in een open gesprek trachten op te lossen) heeft uit de eigen gelederen de opmerking toegeschoven gekregen: „het is wel waar wat je zegt, maar moet het nu wel zo nodig op deze manier?"

Ja, kijk eens, daar kun je nu uren over praten. Kees is van mening, dat de buiten­wacht het best eens mag weten, dat „Thialf" al drie jaar lang bezig is een gesprek met Amsterdam en Deventer te organiseren en het tot nu toe niet gelukt is de heren rond de tafel te krijgen. Weet je wat nu het gekke is? Amsterdam is een warm voorstander van dit gesprek en vindt het luisterrijk. Deventer is ook voorstander, wat minder warm, maar desondanks een voorstander. En toch gebeurt er niets! Je belt ze op, je schrijft brieven en de reacties zijn alsvoren. Nu zou een gewoon burger zeggen: nou, waarom pakken ze hun agenda's dan niet en maken een afspraak?

Nou, daar zit hem net nou de kneep. Kees heeft sterk het vermoeden gekregen, dat de agenda's onder stapels papier liggen en dat men niet weet waar ze precies in die stapels zitten.
Het voorgaande is een duidelijke knieval voor de nette burgers, die „tactisch" en „diplomatisch" willen opereren. Want als ik eerlijk ging zeggen wat ik denk van het agenda-mysterie, dan krijg ik helemaal de wind van voren en ik vind het toch wel leuk om een beetje bij het establishment te blijven horen. Begrijpt u wat ik bedoel ?

Voor de mensen, die mij niet zo goed begrijpen, wil ik heel duidelijk zeggen wat ik met mijn tweede en dit artikel bedoel:
Ik heb gewoon de ziekte in, dat het na drie jaar nog steeds niet gelukt is met de collega's van Amsterdam en Deventer zelfs maar te gaan overwegen samen de problemen het hoofd te gaan bieden. Wel is het blijkbaar bevorderlijk voor het maken van een goede voedingsbodem voor deze samenwerking om in het open­baar tegen „Thialf" aan te schoppen met de mededeling, dat ze slechts in die stad, waar zulke voortreffelijke koek wordt gemaakt, weten hoe een internationaal evenement moet worden georganiseerd. Nou is Kees het met dit laatste echt niet eens en vindt het alleen maar eerlijk, duidelijk en hardop te zeggen, dat het pijn doet, als men je tegen de schenen schopt.
Mag ik soms „au!" zeggen tegen mensen, die zeggen voorstander van iets te zijn en in dezelfde vaart proberen de zaak te verzieken ? Wie is er nou eigenlijk niet „tactisch" en „diplomatisch" ?


Het beste met de beentjes en veel liefs van

Kees Hakkeplof.

 

<< terug